Klaus heeft een afwachtende houding. Het liefst zit hij op een stoel en kijkt hij toe. Het is moeilijk om Klaus in beweging te krijgen en hem te motiveren om te werken. Als Klaus werkt, kijkt hij vaak op de klok om te zien of het al tijd is voor de koffie- of lunchpauze. Zodra de pauzegong gaat, stopt Klaus met werken en laat hij alles liggen en staan. Als de bel bijvoorbeeld gaat terwijl hij bestek uit de vaatwasser haalt, stopt hij onmiddellijk met werken en laat hij de laatste lepels gewoon in de vaatwasser staan – ook al zijn er nog maar twee over. Als de bel gaat, haast hij zich meteen naar de koffie. Hij is als eerste bij de koffie en gaat op zijn vaste plek zitten.
Ik wil Klaus motiveren om de taak af te maken, maar dan zegt hij altijd: „Nee, het is koffietijd.“ Hoe sluit ik bij hem aan? Hoe kan ik de leerruimte zo inrichten dat het voor hem motiverend is om aan het werk te gaan?
Gelukte onverwachte handeling (GOH)
In de Inclutrain-groep denken we na over in welk beroep het gedrag van Klaus een kwaliteit is. Ik denk aan een sluiswachter of parkeerwachter. Die wacht af of er een schip of auto aankomt en sluit of opent de brug of de poort. Hij observeert en berekent wanneer de sluis moet worden geopend of gesloten. We komen op de werkwoorden: ‚observerend berekenen‘.
Dan schiet me een voorbeeld te binnen van een gelukte onverwachte handeling. Een situatie waarin ik intuïtief bij Klaus heb aangesloten. Toen ik onlangs koekjes aan het bakken was, heb ik hem gevraagd om de tijd in de gaten te houden, zodat de koekjes niet zouden verbranden. Dat werkte heel goed. Hij vond het erg leuk om de tijd in de gaten te houden.
Leerruimte creëren
Ik leg uit dat ik het gevoel heb, dat hij het werk ontwijkt.
Albert antwoordt: „Dat is hier niet van belang. Van buitenaf gezien lijkt het misschien alsof ‚observerend berekenen‘ geen werk is. Maar de echte vraag is hoe je op deze manier toegang tot het werk vindt. Dat is dan het afstemmen en versterken. Als je gewoon zegt dat er nog genoeg tijd is, moet Klaus je geloven dat het qua tijd wel goed komt. Zijn handelingsimpuls is echter ‚observerend berekenen‘. En daarin wil hij beter worden. Je zou dus kleinere oefeningen kunnen doen waarmee hij vaardiger kan worden. Tot nu toe is hij gespecialiseerd in het letten op wanneer het pauze is. Het gaat erom dat hij deze vaardigheid ook in ander werk kan toepassen. Je kunt het proces daarvoor vanuit de andere richting bekijken, dus vanuit het resultaat. Je krijgt het werk op tijd af omdat je het goed hebt berekend. Dan hoef je tijdens de pauze niet door te werken. Je zou kunnen zeggen: “Kijk eens hoe snel je het werk moet doen om de taken nog voor de pauze af te krijgen.” Je kunt ook een experiment met hem doen door het werk eerst heel langzaam te doen en dan heel snel. Dus in verschillende tempo’s. Daarna kunnen jullie samen terugkijken en de verschillen vergelijken. Klaus heeft het ‘berekenen’ in zijn handelingsimpuls en is tegelijkertijd nog niet in staat om dit op een positieve manier in te zetten. Je kunt hem daarbij ondersteunen door je op zijn handelingsimpuls af te stemmen en mee te bewegen.“
Door het gesprek werd mij duidelijk dat ieder mens zijn capaciteiten ter beschikking wil stellen aan de samenleving.
Meebewegen met de handelingsimpuls
Enige tijd geleden hebben we de namen van verschillende steden op houten platen geschreven. Het waren als het ware wegwijzers. Dit was een cadeau voor een collega die met pensioen ging. Ik heb de contouren van de letters getekend en Klaus heeft ze met verf ingevuld. Klaus was helemaal in zijn werk verdiept. Hij werkte zeer geconcentreerd en nauwkeurig. Hij had er zichtbaar plezier in om de planken te ontwerpen. En toen het tijd was voor de koffiepauze, zei Klaus: „Ik wil eerst deze plaatsnaam afmaken en dan pas koffiepauze nemen“. Ik was zeer verbaasd over zijn uitspraak. Ik ken hem al 18 jaar en zoiets had hij nog nooit gezegd.
Albert (trainer): Als je de contouren van de letters tekent, is de vorm er al, die wacht en hij vult hem in. Je hebt dus zelf meegeholpen met tekenen en daarbij de handelingsimpuls van Klaus overgenomen. Je hebt daarmee een omgeving gecreëerd die hem uitnodigt om op zijn manier mee te doen. Als je de handelingsimpuls overneemt, kan de persoon daar iets van afkijken. Het is gemakkelijker om te leren als je iets als demonstratie ziet. Dan ben je tegelijkertijd betrokken en vrij.